Schilderen – gebreken in de verflaag en oplossingen

 

Schilderen – Gebreken in de ondergrond

Schilderen: gebreken in de ondergrond, verflaag en eventuele oorzaken en oplossingen hiervoor. Bij het schilderen vraagt iedere ondergrond een eigen voorbereiding en een op de ondergrond afgestemde verf of verfproduct. Bladderen en/of onthechten van de verf heeft altijd een oorzaak.  Reinigen en schuren van de ondergrond is dan ook altijd belangrijk. Maar wat nu als er toch problemen bij, en na het verwerken van verf of verfproducten ontstaan. Mogelijke oorzaken en oplossingen voor de problemen die zich kunnen voordoen vind je in onderstaand overzicht.

Houten ondergrond

Bij het schilderen is het reiniging/schoonwassen, het zorgvuldig schuren en het stofvrij maken van de ondergrond zeer belangrijk. Dit om latere hechtingsproblemen van de verflaag te voorkomen. Ondanks een goede voorbereiding kunnen zich problemen voordoen.

In onderstaande tabel vind je een aantal gebreken die zich bij, tijdens of na het schilderen kunnen voordoen, en mogelijke oplossingen hiervoor. Uitgangspunt in dit overzicht zijn de oplossingen én de problemen die zich eventueel kunnen voordoen bij afwerking van een houten ondergrond. Dit neemt niet weg dat deze problemen én de oplossingen ook in een aantal gevallen voor andere (steenachtige) ondergronden kunnen gelden.

Gebreken in de verf
Mogelijke oorzaken
 
Mogelijke oplossing
Afbladderen
Plaatselijk geheel of gedeeltelijk loslaten van de verflagen
Verfsysteem verwerkt op een te vochtige ondergrond.

Scheurvorming vanuit de ondergrond .

Toepassing van verschillende typen verf over elkaar.

Geringe elasticiteit van de gebruikte verf.

Te grote vervoming van de ondergrond.
Oude, niet goede verflagen verwijderen met een verf-krabber, brander of föhn.

Na eventuele voorbehandeling nieuwe verflagen opbrengen.
Afpoederen
Bij wrijven over de verf-laag blijkt deze af te geven, oftewel te poederen
Normaal voorkomend verouderingsverschijnsel van de verf.

De verf is van onvoldoende kwaliteit om buiten te verwerken.
Verwijderen van het verpoederde oppervlak.

Reinigen, schuren en opnieuw schilderen.
Afschilferen
Loslaten van de bovenste, of onder-liggende verflagen
Niet goed gereinigd of ontvet.

Onvoldoende geschuurd.

Te vochtige ondergrond .Aanbrengen over verweerd hout.
Geschilferde laag verwijderen.

Reinigen en schuren .

Opnieuw schilderen.
Algaangroei
Het verfoppervlak is aangedaan door groene aangroei
Te vochtige ondergrond.

Foutief, poreus verftype

Direct contact van het verfsysteem met bomen, planten e.d.
Ondergrond reinigen en van alg ontdoen.

Behandelen met algdodend middel .

Afwerken met geschikte verf.
Barstvorming
Barstjes in de toplaag, in combinatie met afbladderen
Te vochtige ondergrond bij verwerken.

Te geringe elasticiteit van de verf.

Toepassing verschillende typen verf over elkaar.

Scheurvorming of werking van de ondergrond.
Oude, niet intacte verflagen verwijderen.

Reinigen, schuren en verf-systeem opnieuw opbouwen.
Blaarvorming
Plaatselijk loslaten van de verf tengevolge van blaren
Veelal vochtinsluiting in de ondergrond.

Te snel aandrogen van de toplaag.

Slechte ondergrond.
Oude niet intacte verflagen verwijderen.

Reinigen en schuren en verf-systeem opnieuw opbouwen.
Bloeden
Het doorslaan van bestanddelen of de inhoudsstoffen  uit de ondergrond, of uit bestaande verflagen
Eerder toegepaste bitumen-achtige producten.

Doorslag van roet.

Bloedende houtsoorten, zoals Merbau.
Aanbrengen van een passende isolatielaag.

Verwijderen van de ‘probleemlaag’.

Reinigen, schuren en aan-brengen van een nieuw verfsysteem.
Dekking onvoldoende
Geheel of gedeeltelijk onvoldoende laagdikte
Slechte dekking van de kleur, met name rood en geel.

Matige kwaiteit van de aangebrachte verf .

Onvoldoende laagdikte op scherpe kanten en profileringen.

Groot contrast tussen de grondkleur en de afwerklaag.
Extra laag verf aanbrengen.

Betere kwaliteit verf kiezen.

Keuze voor een andere grondkleur.
Glansverlies
Het teruglopen van de glans van de oorspronkelijke verflaag, na droging
Normaal verouderingsverschijnsel.

Onvoldoende bestand tegen UV-straling, of ligging op de zonkant .

Kwaliteit van het product.

Milieu-invloeden.
Milieu-invloeden.

Reinigen, schuren en een nieuwe verflagen aanbrengen.
Hechting onvoldoende
Verflaag hecht onvol-doende aan de onder-grond of oude verflaag
Verweerde, vochtige onder-grond.

Niet goed gereinigde onder-grond .

Vochtig oppervlak tijdens aanbrengen.

Foutief verfsysteem.
Oude niet intacte verflagen verwijderen .

Reinigen, schuren en nieuw verfsysteem opbouwen.
Heilige dagen
Plaats waar geen verf is aangebracht
Plekken die tijdens het schilderen zijn overgeslagen. Overgeslagen plekken alsnog schilderen, maar beter is: geheel overschilderen.
Kraters
(Kringvormige) plekken in de ondergrond, door verontreiniging met was, vet, siliconen en dergelijke
Siliconen- of (boen / meubel) wasverontreiniging.

Onvoldoende reiniging van de ondergrond.
Ondergrond reinigen met geschikt reinigings-middel.

Bij siliconen, een anti-siliconen-preparaat aan de verf toevoegen.

Een nieuwe deklaag aan-brengen.
Laagdikte onvol-doende
Te dunne verflagen aangebracht
Ondergrond te poreus of te grof.

Foutieve opbouw van het verfsysteem.

Verkeerde wijze van aan-brengen.

Onvoldoende kantdekking.

Gebruik van kwalitatief slechte verf.
Aanbrengen extra laagdikte.

Overschilderen met kwalitatief goede verf.
Opwerken
Rimpelen van de ondergrond, direct na het aanbrengen van een verfproduct
De nieuwe verflaag bevat agressieve inhoudsstoffen, die de oude laag opweekt. Oude lagen verf verwijderen.

Ander type verf kiezen (ligt bijna altijd aan het oplosmiddel van de verf).
Schimmels
Treden op bij een vochtige ondergrond
Veelvuldig condens.

Slechte afdichting  inwater-ing.

Slechte ventilatie.

Probleem vochtigheid  inwa-tering oplossen.
Oude verflaag verwijderen.

Zonodig repareren.

Geschikte nieuwe verflaag aanbrengen.
Schroeien
Bij een alkydharsverf: door het aanbrengen van een te dikke verflaag, bij een te snelle opper-vlaktedroging
Te dikke verflaag in één keer aangebracht.

Onderliggende verflaag onvoldoende aangedroogd.
Geschroeide verflagen verwijderen.

Nieuwe verflaag aanbrengen.
Vergeling
Verkleuring, veelal door onvoldoende daglicht (kasten, kelders e.d.) Bij lichte kleuren het eerst zichtbaar door toevoeging van matige pigmenten
Bij alkydharsverf niet te voorkomen. Bewust kiezen voor een enigszins vergrijsde tint.

Toepassen van -een minder vergelende- acrylverf.
Verwering van hout
Vergrijzing van het hout door verwering en milieu-invloeden
Geen of onvoldoende bescherming.

Poreuse afwerkingslaag.
Eventuele oude lagen verwijderen.

Verweerde houtcellen zoveel mogelijk verwijderen.

Behandelen met ontwerings-water.

Nieuw verfsysteem opbouwen.
Verzeping
Door aantasting door alkalieën. Verf vertoont blaasjes en bladdert af
Foutief verfsysteem voor de ondergrondVochtlekkage Oude verflagen verwijderen.

Alkalibestendige verf toe-passen.
Vloeiing
Slechte vloeiing, waardoor veel zichtbare kwast-strepen, of sinaas-appelhuid (schuimroller)
Te snelle aandroging (open tijd van de verf).

Foutief verdunningsmiddel.

Foutief applicatiemiddel. (kwast of roller)

Normaal producteigenschap.
Strak schuren van de ondergrond.

Nieuwe geschikte afwerkings-laag aanbrengen.
Vuilaanhechting
Vuilaanhechting op het verfoppervlak
Gestructureerde ondergrond.

Structuurverf toegepast.

Gebruik poreuse verf.
Reinigen en schuren van de ondergrond.

Aanbrengen kwalitatief goede verflagen.
Wegzinken van de verflaag
Vlekvorming door onregelmatige zuiging van de ondergrond
Poreuse ondergrond.

Doorgeschuurde plekken.

Geplamuurde plekken.
Extra lagen aanbrengen.
Witte doorschijning
Door vochttoetreding / -insluiting onder een transparante lak of beits
Te weinig lagen aangebracht.

Toepassing van een te poreus product .

Vocht vanuit de ondergrond.
Oude lagen verwijderen.

Verweerd hout behandelen met ontweringswater.

Nieuw systeem aanbrengen.
Zachte verflaag
Verf blijft zacht en week en droogt niet door
Verf aangebracht tijdens onwerkbaar weer.

Onjuiste mengverhouding bij gebruik van twee-compo-nentenproducten.
Verflagen verwijderen .

Schuren en reinigen.

Nieuwe verflagen aanbrengen.
Zakkers of druipers
Plaatselijk zakkers, druipers of tranen
Onvoldoende verdelen of doorhalen van de verf.

Plaatselijk te veel aan-gebrachte verf.
Na drogen de zakkers wegschuren of wegsteken.

Indien nodig egaliseren en / of plamuren.

Geplamuurde plekken met grondverf behandelen.

Nieuwe verflagen aanbrengen.

 

Artikelen over schilderen

Vind je in bovenstaande tabel problemen die zich in de ondergrond of bij het verwerken van verf of verfproducten voor kunnen doen; voor het verwerken van de verf en het verfraaien van je woning kun je kijken bij de special Schilderen. In deze special vind je artikelen over het schilderen van je woning, keuken, muren en meer !

Veel plezier bij het lezen van deze schilderartikelen !

Bron
Mobiele Verf Service

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *